Home » Interview Gerard Soeteman
unnamed8-18.jpg

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

GERARD SOETEMAN

Als je zijn naam hoort, weet je niet meteen wie hij is. Maar de op 1 Juli 1936 in Rotterdam geboren Gerard Soeteman heeft als scenarioschrijver al voor de nodige films gezorgd. Inderdaad, hij is verantwoordelijk dat het publiek van mooie films kan genieten. Hij staat inmiddels bekend als de vaste scriptschrijver voor Paul Verhoeven in Nederand. Zo zijn wellicht zijn bekendste films ‘Wat zien ik’, ‘Turks fruit’, ‘Keetje Tippel’, ‘Soldaat van Oranje’, ‘Spetters’, ‘De Vierde man’, ‘Flesh and Blood’ en ‘Zwartboek’ en was hij diegene die de ridderserie “Floris” in 1969 creëerde. Maar ook voor films als ‘Max Havelaar’, ‘De Aanslag’, ‘Floris’ (de filmversie van regisseur Jean van de Velde uit 2004) en ‘De Bunker’ was hij verantwoordelijk. Aan de prijzen die hij heeft gewonnen blijkt ook maar weer dat je met een man te maken hebt waar je moeilijk omheen kan: een oscarnominatie voor ‘Turks fruit’, de Golden Globe Award voor ‘Soldaat van Oranje’ en een Oscar voor ‘De Aanslag’ zijn slechts een aantal van zijn prijzen. Daarbij heeft hij in 1989 het Gouden Kalf als oeuvre-prijs gekregen vanwege zijn werk tussen 1984 en 1989. Daarnaast heeft Gerard Soeteman in 1998 voor zijn totale werk de Edmond Hustinx prijs gekregen en is tenslotte ook nog eens erelid van het Netwerk van scenarioschrijvers. Perry van Moov.nl had de eer de zeer vriendelijke, maar ook drukbezette Gerard Soeteman voor de site te interviewen.


001.Wat is uw favoriete CD?
      
Ik heb tal van favoriete CD’s. Deze draai ik al naar mijn stemming. Bijna alle amusementsmuziek tussen 1900 en 1960

       vind ik schitterend, vooral door de teksten plus de muziek zoals Cole Porter, Irving Berlin en George Gershwin.
002.Wat is uw favoriete nummer?
      
Een echte favoriet nummer heb ik niet. Maar ik vind de muziek van Mozart erg mooi. Duetten uit opera’s en       

       vioolconcerten (zoals Mozart, Bach, alle romantici als Sibelius, Tsjaikowski, Beethoven enz.).
003.Draait u wel eens muziek tijdens het schrijven?
      
Ik draai vaak muziek tijdens het schrijven, maar dan alleen instrumentaal. Teksten probeer ik altijd te beluisteren en te

       begrijpen en dat gaat niet samen met zelf teksten bedenken.
004.Hoe belangrijk is muziek in uw leven?
      
Muziek is zeer belangrijk in mijn leven. Ik luister heel vaak naar muziek die of bij mijn stemming past of juist niet. Zo

       pept vrolijke muziek me vaak weer op als ik wat somber ben.
005.Hoe belangrijk is muziek voor u in films?
      
Ook in films vind ik muziek zeer belangrijk. Het kan de stemming (de sfeer van een scène) ondersteunen. Spanning,

       liefde, vrolijkheid. Probeer maar eens een film zonder muziek te maken!
006.Wie is uw favoriete zanger/zangeres/groep?
      
Altijd prachtig vind ik Marlene Dietrich en Frank Sinatra. Maar ook klassieke zangeressen als Elisabeth Schwarzkopf.
007.Met wie zou u wel eens een duet willen zingen?
      
Ik wil anderen dit niet aandoen want ik zing afschuwelijk vals!
008.Wat is uw favoriete sport? En beoefent u zelf ook een sport?
      
Mijn favoriete sport is skiën. Daar doe ik zelf ook aan. Verder tennis en zwem ik geregeld.
009.‘Wat zien ik’, ‘Turks fruit’, ‘Soldaat van Oranje’, ‘De Vierde man’ en ‘De Aanslag’ zijn allen films waar u het

       boek van heeft bewerkt naar het scenario voor de film. In hoeverre waren Albert Mol, Jan Wolkers, Erik

       Hazelhoff Roelfzema, Gerard Reve en Harry Mulisch betrokken toen hun boek verfilmd werden?
      
Niet. Het gaat enkel om de rechten van het boek. Om dan eventuele ruzies tussen schrijver en bewerker of schrijver en

       producent of schrijver en regisseur te voorkomen heeft de boekenschrijver geen verdere invloed op het scenario. Wel

       hoop je natuurlijk altijd dat ze tevreden zijn met het eindresultaat. Als bewerker neem ik de belangrijkste dingen uit het
       boek en die verbind ik dan. Een boek heeft een bepaalde inhoud en is vaak vrij dik waardoor je al gauw veel interessante

       dingen voor een film niet kunt doen vanwege de speeltijd. Maar de kern van het verhaal, daar moet je natuurlijk wel

       trouw aan blijven.
010.In 1976 begonnen u en Paul Verhoeven met de research voor ‘Zwartboek’. In 2006, dertig jaar later, was de film

       een feit en draaide hij in de bioscoop. Vele scenarioschrijvers en regisseurs zouden na zo’n lange tijd stoppen met
       een project. Waarom was ‘Zwartboek’ zo belangrijk voor u?

       Dat is niet helemaal juist. In 1965 las ik al een boek dat over een advocaat ging. Hij heette de Boer en die persoon is

       waar Notaris Smaal in onze film op gebaseerd is. Het ging er over dat deze advocaat na de oorlog, in mei 1945, in zijn

       huis in Den Haag neergeschoten werd en dat het hier om een onopgeloste moord ging. Dat boekje uit 1965 over enkel die

       man is de basis van ‘Zwartboek’. Dat was dus nog voor de tv-serie “Floris” uit 1969 en ook Paul kende ik toen nog niet.

       Daarbij, in die tijd kon zo’n film als ‘Zwartboek’ absoluut niet gemaakt worden. Aan die onopgeloste moord heb ik altijd

       moeten denken, ik raakte er door gefascineerd. Toen ik Paul inmiddels wel kende, spraken we er geregeld over of er een

       verhaal in zou zitten voor een film. In 1999 begon ik met het scenario te schrijven met een man in de hoofdrol, maar

       zowel Paul als ik merkten dat het dan geen script zou worden. Toen vroeg ik me af hoe het verhaal zou zijn met een

       vrouw in de hoofdrol. Eind 2003 begon ik vervolgens aan deze versie die in 2005 klaar was. Dus uiteindelijk heeft het

       me twee jaar gekost om het uiteindelijke script met de vrouw in de hoofdrol te schrijven.

011.Tussen de tv-serie “Floris” uit 1969 en ‘De Vierde man’ uit 1983 hebben Jan de Bont, Rutger Hauer, Jeroen

       Krabbé, Derek de Lint en uiteraard Paul Verhoeven met u aan dezelfde projecten gewerkt. Die zijn allemaal hun

       geluk in Hollywood gaan beproeven, met het nodige succes. Had u nooit het idee ook die poging te wagen,

       scenarioschrijver in Hollywood worden?
      
Nee, dat heb ik nooit gewild. Rutger Hauer, Jeroen Krabbé en Derek de Lint zijn acteurs. Zij doen wat anderen (in dit

       geval de regisseur) hen opdragen. Als cameraman zoals Jan de Bont was reis je veel om opnames te maken, hij is nu net

       als Paul ook regisseur en zegt acteurs en actrices wat ze moeten doen. Een scenarioschrijver moet echter iets creëren en

       dat kan ik niet, niet in Amerika althans. Daarvoor weet ik te weinig van de Amerikaanse cultuur. ‘RoboCop’ zou ik niet

       hebben kunnen schrijven. Vanwege die Amerikaanse cultuur die ik niet begrijp. Ook hou ik niet van science fiction. Een

       film als ‘Basic Instinct’ zou ik ook niet kunnen maken omdat ik niets van de Amerikaanse politie af weet. Dat zou een

       heel ander soort film zijn geworden.
012.U wordt gezien als de vaste scenarioschrijver van Paul Verhoeven voor zijn Nederlandse films. Hoe betrokken

       bent u tijdens het filmen bij het verhaal? De films ‘Flesh & Blood’ en ‘Zwartboek’ hebben Paul Verhoeven en u

       samen geschreven. Hoe gebeurt zoiets?
      
Ik ben nooit op de set. En als er een verandering nodig mocht zijn dan doet Paul dit ter plekke of hij belt me op. En hoe

       onze samenwerking tijdens het schrijven verloopt? Paul heeft een huis in Nederland en is daar regelmatig. Vaak ga ik

       daar heen om te praten en soms ga ik ook naar hem toe in Amerika. Eerst praten we veel zonder ook maar iets te

       schrijven. Dan weet ik hoe we er beiden over denken en dan ga ik schrijven. Het scenario fax ik dan naar Paul die dit

       leest en zijn commentaar geeft om het vervolgens weer terug te faxen.
013.In 1992 schreef en regisseerde u de film ‘De Bunker’ en kon rekenen op acteurs als Thom Hoffman en Dolf de

       Vries. Hoe kijkt u hier op terug? En, kan het publiek ooit nog een film van u verwachten welke u zelf regisseert?
      
Ik kijk absoluut met veel plezier terug op de film. Eigenlijk zie ik het als een gespeelde documentaire. Je moet weten dat

       ik in de periode van 1964 tot en met 1994 werkzaam was bij de NOS TV als documentairemaker. Ook vond ik het

       belangrijk dat er bij het verhaal van ‘De Bunker’ niet omheen gedraaid werd, geen poespas maar een direct verhaal

       vertellen. Interesse om ooit weer eens een film te regisseren heb ik niet.
014.Wat kunnen we op showbizzgebied in de toekomst nog van u verwachten?
       
Er staan wel wat dingen in de planning, maar hier kan ik helaas nog niets over vertellen.


Interview: Perry Krootjes